Recensie KOMODO


The Devilles – Komodo | Demofarm

Moesten we zelf een band hebben dan weten we alvast dat we de juiste contacten zouden leggen om toch maar met de juiste mensen te kunnen werken waarvan je iets kan leren. Dit omdat die manier van aanpak zich al meer dan eens heeft bewezen en omdat talloze bands op die manier toch de juiste richting zijn uitgegaan. En een van die bands die dat ook weten te doen zijn The DeVilles. De band die afkomstig is uit Keerbergen wist voor hun eerste naamloze plaat Lange Polle van Triggerfinger te strikken. Eerder had de band ook al de maanrock-rally gewonnen en ondertussen mocht de band ook al het voorprogramma verzorgen van bands gaande van The Minutes, Radio Moscow tot en met Spencer Davis & The Animals en Cage the Elephant. De band is dus op goede weg en voor hun tweede album hebben ze ook weer de juiste mensen achter de knoppen weten te halen voor hun tweede plaat Komodo waarop de vuile bluesrock en rock weer volop aanwezig is. Voor Komodo mochten ze dan ook werken met producers Cedric Maes (El Guapo Stuntteam, The Sore Losers, The Sha-La-Lee’s) en Niels Hendrix (Fence, Buffoons).

Twee geschikte muzikanten om hun sound nog wat volwassener te laten worden, niet dat Lange Polle dat niet wist te doen met die debuutplaat. Maar ondertussen zijn de muzikanten van The Devilles ook wat volwassener geworden en hebben ze een sound weten neer te zetten die stevig uit de hoek komt. Ook het artwork van deze tweede plaat is geweldig en dat is dan ook een hele verademing tegenover hun eerste plaat waarop het wel leek alsof ze het artwork hadden gestolen van een of andere grindcore-band. Komodo is dus vooral het album van een band die wat volwassen is geworden en op deze tweede plaat dan ook 12 nummers aflevert die een geluid laten horen waarbij de vuile klanken uit de bluesrock van de 70’s nog meer aanwezig is terwijl ze ondertussen er toch ook meer hun eigen creativiteit hebben weten in te steken. Het album bevat veel meer originele ideeën dan het debuutalbum. En ondertussen is een nummer zoals opener Red Rusty daar dan ook het perfecte voorbeeld van. Het nummer begint stevig en laat direct die gitaren rollen om de fuzzy stem in de verf te zetten terwijl we ondertussen vooral de invloed van bands als The Raconteurs en The Black Keys horen voorbij komen. Maar ondertussen zit die ware bluesrock ook ergens in hun sound verpakt.

En ook nummers zoals Suede en Empathise bewijzen dat maar voor ons is vooral Sharper Than A Knife erg goed en vormt het wat het hoogtepunt van het album. Maar ook titelnummer Komodo en Take Me In zijn stevige nummers. Erg origineel is het allemaal niet maar bij muziek als dit draait het vooral om plezier maken en de gitaren stevig te laten gaan en dat is nu net wat The Devilles weten te doen. Muziek die je omver weet te blazen en dan ook de nodige power met zich meedraagt en ondertussen de solo’s weelderig laat tieren. De enige vereiste is dan ook om die gitaren te laten schreeuwen en twaalf songs te maken die er in een enorme vaart vandoor gaan. Net zoals wat Jack White met zijn kompanen ook doet en waarin Triggerfinger en The Sore Losers ook erg sterk in zijn.